Moestuinkoningin Marije van Trigt: ‘Iedereen kan groenten telen’

Ze kweekte eigenhandig witlof in de kruipruimte van haar huurwoning en doet aan 'herplanten'. Dertiger Marije van Trigt begon ‘voor de leuk’ met het telen van komkommers en tomaten op haar Haagse buitenplaats, inmiddels heeft ze een groentetuin waar je u tegen zegt. ‘Wil je een stekje boerenkool mee? Ik heb genoeg hoor.’ 

In de kelderkast van haar ouderlijk huis staat een flink aantal wekpotten vol met augurken, ingemaakt volgens verschillende recepturen. Zes weken blijven ze onaangeroerd, daarna zijn ze klaar voor consumptie. Dat Marije niet graag stilzit wordt snel duidelijk als ik haar bezoek. Terwijl ze vol passie over haar kweektuin praat, slaat ze aan het oogsten. Naast augurken teelt Marije wortels, boerenkool, pompoenen, koolraap, tomaten, aardperen en verschillende soorten sla. Eigenlijk kweekt ze wat ze lekker vindt - om daar vervolgens recepten bij te bedenken. ‘Wat ik het lekkerst vind?’ Ze denkt na. ‘De boerenkool. En ik hou eigenlijk helemaal niet van boerenkool. Het smaakt compleet anders uit eigen tuin. Heel cliché, maar wel waar.’

IMG_5279.jpg
IMG_5254.jpg
IMG_5273.jpg

Van start
’Mijn huidige moestuin is ongeveer zes bij twee. Dat is flink, ja. Moestuinieren kun je in principe overal doen - je hebt er geen (grote) tuin voor nodig. Een balkon volstaat ook. Voor je begint is het verstandig om jezelf af te vragen wat je wilt kweken en hoeveel ruimte je daarvoor nodig hebt. Wortels vinden het bijvoorbeeld niet erg om dicht op elkaar te groeien, maar veel koolsoorten zijn daar niet van gediend. Die hebben de ruimte nodig. Het is verstandig je vooraf in te lezen over de groenten die je in je tuin wil laten groeien.’


Moestuin in het najaar?

Voor de meeste groenten is september te laat, maar je als je groenteafval hebt - net als Marije - kun je een poging wagen. Sla, radijsjes en bepaalde peulvruchten kun je in het najaar nog wel zaaien, omdat deze groenten eventuele kou goed kunnen verdragen. 


Kweken in de kruipruimte
Marije hekelt voedselverspilling, daarom begon ze met het herplanten van pitjes en kontjes. ‘Eigenlijk ontstond dat idee puur uit nieuwsgierigheid: kan ik nieuw voedsel creëren uit afval? Het geeft een kick om afval om te toveren in een nieuw kropje sla. In mijn vorige woning besloot ik de proef op de som te nemen met witlof. Witlof groeit het beste in een donkere, koele ruimte - dus ik probeerde de kruipruimte.’ Lachend: ‘Daar werd ik wel vreemd op aangekeken door vrienden, ja. Uiteindelijk had ik prachtige stronkjes witlof - en ze waren ontzettend lekker.’

IMG_5375.jpg
IMG_5380.jpg
IMG_5306.jpg
IMG_5384.jpg

Dat herplanten ontstond uit nieuwsgierigheid.  Plus, zo legt ze uit, aan gezond eten hangt nu eenmaal een prijskaartje. ‘Groenten en fruit uit de supermarkt zijn prijzig en niet per se lekker. Je kunt prima gezond eten met een klein budget door simpelweg zelf te kweken. Vrijwel alle groenten kun je invriezen, met elkaar delen… Zaden kosten echt geen drol.’

Veel tijd en aandacht
Moestuinieren blijkt een dankbare bezigheid. Het is intensief en vraagt veel tijd en aandacht, maar wanneer je kunt oogsten geniet je meer van je voedsel. ‘Op het Japanse eiland Okinawa wonen de meeste gezonde 100-jarigen ter wereld en zij hebben allemaal een moestuin. Dat zegt toch genoeg?’ Voor de beginnende moestuin adviseert Marije harde slasoorten als rucola en little gem. Ook uien en wortels zijn volgens haar prima te doen. ‘Vooral rommelen en uitproberen. Al doende leert men. Ook op de moestuin.’